Antwoorden    Je lijf, je leven:        Het immuunsysteem
 
Er is dan vaak sprake van koorts.
2  Letten op gezond eten door voldoende vitamines te eten.
3  Dat zijn de huid, de slijmvliezen van de luchtwegen en de darmen. Dit zijn de organen die in direct contact staan met de buitenwereld.
4  Het immuunsysteem van een pasgeborene is dan nog niet helemaal klaar om alle virussen en bacteriŽn te bestrijden. Dat kan pas na ongeveer twee jaar. Tot die tijd moet het immuunsysteem een handje geholpen worden.
5  Een vaccin bevat een ziekteverwekker die inactief is gemaakt.
6  Het vaccin in het lichaam zet het immuunsysteem aan om antistoffen te gaan maken tegen de zogenaamde (verzwakte) ziekteverwekker. Als het lichaam later in aanraking komt met de echte ziekteverwekker, dan heeft het inmiddels voldoende antistoffen opgebouwd om deze te bestrijden.
7  Omdat het immuunsysteem er even aan herinnerd moet worden dat het aan de gang gaat met het aanmaken van antistoffen. In de eerste prik zitten bijvoorbeeld vaccins tegen difterie, kinkhoest, tetanus en polio (kinderverlamming), de bekende DKTP-prik.
8  Nee, vaak is de immuniteit niet levenslang.
9  Omdat er nog niet voor elk virus een goed vaccin ontwikkeld is.
10  Ze zorgen ervoor dat andere (schadelijke) bacteriŽn buiten worden gehouden.
11  Door een steriele omgeving zijn er minder ziektes en is er minder kindersterfte. Dat is een voordeel. Het nadeel is dat het lichaam niet meer blootgesteld wordt aan die ziekteverwekkers waar het normaal antistoffen tegen zou maken. Wat dat laatste betreft, worden we als mens dus zwakker.
12  Probiotica zijn geen medicijnen zoals de naam doet vermoeden. Het is een samenstelling van bacteriŽn die mee zouden helpen aan een betere darmwerking.
13  In kiwi's zit veel vitamine C.
14  Eczeem komt vaker voor als de patiŽnt gestrest is.
15  Bij voldoende beweging werkt het immuunsysteem beter.
16  Het voorbeeld is suikerziekte (met name door overgewicht).
17  ter beoordeling aan de docent, onder andere: voldoende vitamines - voldoende rust - beweging - letten op voedsel (niet te vet).